De EvoScope-experimenten

Hieronder zie je alle experimenten waaraan je mee kunt doen. De experimenten zijn ingedeeld per thema. Per experiment is aangegeven hoeveel tijd het ongeveer kost om het te doen en in welke maanden je het experiment kunt doen.


De warme stad

In een stad is het vaak wat warmer dan buiten de stad. De bouwmaterialen die veel in steden gebruikt worden, zoals beton en asfalt, warmen snel op in de zon. Ook groeien er in steden minder bomen, die voor schaduw en afkoeling zorgen. Buiten de stad kan een windje voor wat verkoeling zorgen, maar in de stad houden hoge gebouwen de wind tegen. Dit alles bij elkaar zorgt ervoor dat het in de stad op een zonnige dag wel een paar graden warmer kan zijn dan buiten de stad. Sommige dieren kunnen niet zo goed tegen warmte. Als deze dieren toch in de stad willen leven moeten ze kunnen omgaan met de hogere temperaturen. Lukt ze dat? En hoe doen ze dat dan?


De betonnen stad

Op veel plekken in de stad moet je goed zoeken naar een stukje vruchtbare grond. Een groot deel van de stedelijke bodem is bedekt met asfalt, beton, tegels of klinkers. Geschikte stukjes grond zijn eigenlijk een soort eilandjes in een zee van steen. Dit is lastig voor planten die gebruik maken van de wind voor het verspreiden van hun zaden. Veel van hun zaden komen namelijk op een plek terecht waar ze onmogelijk kunnen groeien. Zijn er planten die dit probleem weten te omzeilen?


De drukke stad

In de stad is altijd wat te beleven. Auto’s rijden langs, mensen fietsen voorbij. Er is bijna altijd wel geluid te horen en beweging te zien. In de natuur en op het platteland is het een stuk rustiger. Er zijn veel minder mensen, auto’s en andere lawaaimakers. Wat betekent dit voor dieren die in de stad leven? Hoe gaan zij om met al die heisa? Hebben de stadsdieren hun gedrag aangepast aan alle drukte in de stad?


De uitdagende stad

Dieren zijn heel goed aangepast aan hun natuurlijke omgeving. Ze zijn er goed op de hoogte van alle gevaren en mogelijkheden. De stad is voor dieren een nieuwe en onbekende plek. Dieren die naar de stad verhuizen moeten dan ook veel dingen opnieuw leren. Waar halen ze hun eten vandaan? Waar bouwen ze hun nest? Voor welke roofdieren moeten ze uitkijken?

Het leven in de stad brengt veel nieuwe uitdagingen met zich mee. Zijn dieren die in de stad leven daarom misschien minder bang voor nieuwe dingen? Of zijn ze juist banger omdat ze meer negatieve ervaringen met onbekende voorwerpen hebben gehad?