DE UITDAGENDE STAD

Proef 1: Koolmezen

Trefwoorden: vogel, koolmees, nieuwe dingen, neofilie, voeren
Duur van het proefje: twee keer een half uur + voorbereidingstijd
Wanneer: winter
Wat heb je nodig: twee identieke vetbollen, een zelf te maken “nieuw” voorwerp, een verrekijker (optioneel)
Manier van invoeren: formulier

De koolmees is de grootste mees van Nederland. De actieve fluiters komen veel in bossen voor, maar zijn ook vaak te vinden in dorpen en steden. Koolmezen zijn goed te herkennen aan hun gele buik met een zwarte streep in het midden, en hun glanzend zwarte kop met witte wangen.

Lees hier hoe je koolmezen en andere mezen uit elkaar houdt

Foto: Ray Jennings/Pixabay

Veel dieren zijn bang voor nieuwe voorwerpen. Het is namelijk maar de vraag of het nieuwe voorwerp gevaarlijk of ongevaarlijk is. Nou maken mensen de raarste dingen (tuinkabouters en aluminiumfolie bijvoorbeeld). Ook hebben mensen de neiging om steeds weer iets nieuws te verzinnen. Vooral koolmezen in de stad komen daardoor vaak onbekende voorwerpen tegen.

 

Vraag

Zijn stadse koolmezen banger of minder bang van een nieuw voorwerp dan koolmezen van buiten de stad?

 

Het experiment

Voorbereiding

  1. Download de twee onderstaande formulier. Print het pdf-bestand uit.

Formulier 1 (om te printen)

Formulier 2 (om op de computer in te vullen)

2. Gebruik je creativiteit en maak een nieuw, opvallend voorwerp (ongeveer 5 cm breed en 10 cm hoog). Het voorwerp mag lekker raar zijn en hoeft nergens op te lijken. Gebruik verschillende opvallende kleuren. Gebruik gekleurd papier, flessendoppen, veren…wat je maar kunt bedenken.

Wetenschappers die een soortgelijk experiment deden gebruikten deze creatie als nieuw, opvallend voorwerp

2. Zoek een plek in de stad waar koolmezen te zien zijn (je tuin of balkon bijvoorbeeld). Hang de avond voor het eigenlijke experiment twee identieke vetbollen naast elkaar op (op ongeveer 1 meter afstand). Let op: doe dit pas wanneer je geen actieve koolmezen meer ziet die op zoek zijn naar voedsel, zodat ze de bollen pas de volgende ochtend ontdekken

3. Hang je kleurrijke creatie onder één van de twee vetbollen. Zorg ervoor dat je creatie goed zichtbaar is. Zorg er tegelijkertijd voor dat de koolmezen geen last hebben van je creatie als ze op de vetbol zitten.

 

De test

1. Voer de telling de volgende ochtend binnen 1 tot 4 uur na zonsopkomst uit, op een moment dat het niet regent of hard waait. Hou de twee vetbollen van een ruime afstand een half uur in de gaten, zonder hierbij de vogels te verstoren (gebruik een verrekijker als je die hebt). Tel alle koolmezen die de bol met versiering en de bol zonder versiering bezoeken en vul je resultaten in op het formulier.

2. Herhaal het experiment op een plek buiten de stad. Doe dit bijvoorbeeld bij familie, vrienden of een kennis.  Voer ook ditmaal de telling uit op een moment dat het niet regent of hard waait.

3. Verstuur het ingevulde Excel-bestand naar niels.kerstes@naturalis.nl

 

Deel je creativiteit

1. Laat aan anderen zien hoe creatief je bent en stuur een foto van je experimentele opstelling en een close-up van je creatie op naar niels.kerstes@naturalis.nl